zondag 31 juli 2011

Bramen, Pruimen en Tuinbonen - lekker seizoen


Ik zag van de week op een blog een mooie foto van rijpe bramen. Wat vroeg dacht ik nog. Toen ging ik er in mijn omgeving ook eens op letten en inderdaad ... ik zag al veel rijpe bramen. Vooral vanuit de trein, maar die kan niemand plukken, want achter hekken en misschien bedekt met een laag fijnstof?

Ik weet wel een plekje hier in de buurt waar geen verkeer komt, er worden wel honden uitgelaten, maar ik pluk boven een meter en bij voorkeur niet langs het pad.


Vanmorgen stapten Mijn Architect en ik op de fiets, plastic bakjes mee, want de jamvoorraad van vorig seizoen is nu helemaal op. En bramenplukken geeft mij zo'n fijne jeugdherinnering, lekker geluksgevoel.
We vonden inderdaad al voldoende rijpe bramen. We struinden op achterafplekjes, door de brandnetels en distels, waar nog niemand ons voor was, en plukten de grootste sappige exemplaren. Krassen op je armen en stekels in je vingers. Wat geniet ik hiervan!

Ik zag trouwens dat de vlierbessen ook al kleur krijgen. Even in de gaten houden, want vlierbessenjam vind ik ook waanzinnig lekker.

Op de terugweg rijden we nog even langs het verpleeghuis waar ik in 2009 werkte. Bij dat huis staan appel-, peren-, walnoten- en pruimenbomen. Er werd toen weinig mee gedaan. Het meeste fruit rotte gewoon weg.
Ik maakte destijds met m’n PG-bewoners op een gesloten afdeling heerlijke pruimenjam, wat een plezier hadden we daarmee.

De herinnering komt terug, de man op de foto hierboven moest ik er steeds van weerhouden dat hij niet alle stukjes pruim al opat, ik zie nog zijn ondeugend glinsterende ogen waarmee hij me aankeek terwijl hij weer een stukje pruim in zijn mond deed. Rijp en sappig en het sap droop langs zijn kin.


En deze dame wilde nooit ergens aan meedoen, maar toen ze me bezig zag met de pruimen zei ze opeens: “Geef maar hier”, en ze begon in rap tempo de pruimen te ontpitten.


Er hangen al veel rijpe pruimen. We plukken een zak vol en ik neem me voor om van de week wat potjes jam naar m’n ex-collega’s daar te brengen.

Thuisgekomen alles wegen: ruim 1700 g bramen, 2200 g pruimen, en vier zure appeltjes, dat is lekker in de bramenjam. Dan aan het werk, een flinke klus.


De bramen even in wat gezouten water leggen, ik herinner me nog de wormpjes van vroeger. Die at je gewoon mee op.
Er komen er een paar bovendrijven ... zijn het wel wormpjes of zijn het eigenlijk minirupsjes? Het doet me niks - hee, ik word al meer en meer een natuurmens - ik spoel ze weg en mocht er eentje achterblijven, ach het zij zo.
(Zo had ik er een paar jaar geleden niet mee omgegaan hoor, ik denk dat ik alles dan weggekieperd zou hebben, haha).
Nog een keertje spoelen en dan, hup de pan in. 

Dan nog de pruimen ontpitten. Ik zit op het dakterras en de zon verschijnt, eindelijk. Ook de pruimen gaan op het vuur en worden tot jam gekookt.
Tot slot nog de tuinbonen, gisteren gekocht bij de Natuurwinkel, doppen. Ben nu toch bezig en heb het naar m’n zin zo op het dakterras in het zonnetje.
Sommigen vinden het onzin, maar ik dop dubbel, dwz, ik haal ook de plastic-achtige velletjes eraf, anders lust ik ze niet.


En zo zien je nagels er dan uit, na zo'n dag:


Maar ik kijk met voldoening naar het resultaat:


Wat is het heerlijke, frisse en fruitige jam geworden. Je proeft vooral fruit en weinig suiker. De potjes voor eigen gebruik krijgen een stickertje, de cadeaupotjes krijgen een mooi etiketje en een ‘tafelkleedje’.


De recepten zijn te vinden onder het label jam.

Bramenjam



2 kg bramen
4 kleine zure appletjes
400 g rietsuiker
2 zakjes Marmello

De bramen eerst een tijdje in wat gezouten water leggen, eventuele beestjes komen dan bovendrijven.
De bramen en de appeltjes geschild en in kleine stukjes, met een bodempje water opzetten, aan de kook brengen en zachtjes laten koken.


Door roerzeef doen en sap afmeten.
Ik had bijna twee liter bramensap, daarbij deed ik 400 g rietsuiker (een proefje, zo weinig suiker heb ik nog nooit gebruikt) en de zakjes Marmello. Wil je langer houdbare jam, dan gebruik je beter meer suiker.
Weer al roerende aan de kook brengen. Druppeltest op een koud schoteltje (als het niet meer vloeit is het goed). Potjes tot rand vullen en op kop zetten.



 Hier vind je het recept van een combinatie van vlierbessen en bramen.

donderdag 21 juli 2011

Pruimenjam


Deze pruimen komen van een boom die vlakbij een plek staat waar ik vroeger gewerkt heb.
De pruimen wassen, halveren en pitten verwijderen. Ik had ruim twee kilo schoon.

Opzetten met bodempje water en aan de kook brengen. Kwartiertje op laag vuur laten koken. Door de roerzeef en sap afmeten. Ik had precies 2 liter. Ik heb 500 g rietsuiker toegevoegd en twee zakjes Marmello.

Al roerende weer aan de kook brengen. Druppeltest op een koud schoteltje (als het niet meer vloeit is het goed). Schone potjes tot rand vullen en op kop zetten.



dinsdag 12 juli 2011

Dinsdag Dicht (23)


geworteld in vitale aarde
volgroeid in warme zomerzon
omhuld met zorg en aandacht
volle smaak en pure levenskracht
graan met karakter!

Gedicht? Haha, nee, een tekst op een pastaverpakking.
Ik zat te peinzen over welk gedicht ik vandaag zou plaatsen in ‘Dinsdag Dicht’ en tegelijkertijd dacht ik ook aan wat we zullen eten. Het zou pasta worden en omdat dat niet meer in huis was liep ik even naar de natuurwinkel vlakbij.
Reclame kan mij zelden aanzetten tot koop. Sommige reclames zijn zo irritant dat ze juist averechts werken, ik weiger het product dan pertinent.
Dat betekent niet dat ik niet beïnvloedbaar ben.

Ik zag daar een pak speltpasta staan. Ik hou van speltproducten en kocht twee van die pakken, hoewel het, ondanks de aanbieding, nog wel aan de prijs was. Maar de verpakking deed ’t hem. Een doos van karton dat wel aquarelpapier lijkt, mooie ingetogen kleur. Toen ik de doos uit elkaar haalde om bij het oudpapier te doen, bekeek ik het nog eens goed. Niet lachen, ik word lyrisch van een pak pasta:

De spelt is geteeld op familiebedrijf Nuova Cappelletta in Italië.
De familie ziet hun bedrijf als een levend geheel waarin de wijngaard, graanvelden, weilanden en koeien met elkaar in verbinding staan. Als de spelt geoogst is, wordt het stro gebruikt als warm en zacht ligbed voor de koeien. In de stal vermengt de koeienmest zich met het stro en dát gaat terug op het land en is de beste basis voor een vitale bodem. Wilde bloemen en dieren zijn ook welkom op het bedrijf. Ze geven kleur en leven aan het landschap. Spelt is een van de oudste tarwesoorten en wordt ook wel het oergraan genoemd.

Het groeit uitstekend op de biologisch-dynamische akkers van Nuova Cappeldetta. Het graan heeft een sterke weerstand en floreert goed bij natuurlijke bemesting. De spelt geeft een volle smaak aan de pasta omdat het gewas in z’n eigen tempo gegroeid en gerijpt is.

Het gaat de BD-boer niet om het ‘gewoonweg’ volgen van de regeltjes, maar om opmerkzaamheid en creativiteit. Om te voelen, zien en ruiken wat de grond, het dier of gewas nodig heeft en daar op in te spelen. In het vertrouwen dat de oplossing altijd in de natuur te vinden is.

Kijk, met zo’n tekst op je verpakking krijg je mij om!
En, ook niet onbelangrijk, de pasta smaakte erg goed.


donderdag 7 juli 2011

Courgettebrood


Dit gerecht is gebaseerd op Pain du Midi uit een blad ‘Boodschappen’ van juni 1999, met een paar veranderingen. Ik gebruik speltmeel ipv zelfrijzend bakmeel, voeg olijven en pompoenpitten toe.

Een vorm is niet nodig, het ligt op bakpapier op de bakplaat. Ik teken met potlood langs een bord een cirkel, dan is het makkelijker om een mooie ronde vorm te maken. Het is eigenlijk geen echt brood, maar het smaakt prima bij soep of een salade en is makkelijk te maken.




1 sjalot, gesnipperd
bakje vegan spekjes
1 ons zwarte olijven, ontpit en in stukjes gesneden
olie
1 knoflookteen, kleingesneden
200 gram bloem (of speltbloem)
1 theelepel bakpoeder
1 courgette, geraspt (deze was m'n eerste uit eigen oogst)
1 theelepel tijm
100 g geraspte kaas
1 ei
scheutje melk
zout en peper
pompoenpitten

Verwarm de oven voor op 200°c.
(Vega-) spekjes bakken, sjalot en knoflook toevoegen, laten fruiten en af laten koelen.
Meel en bakpoeder in kom mengen met geraspte courgette, tijm, kaas, olijven en spekmengsel.
Ei loskloppen met de melk, 1 theelepel zout en wat peper. Voeg het eimengsel toe en roer goed door.


Schep het deeg op het bakpapier, vorm het rond en strijk glad.
Bestrooi met de pompoenpitten.
Bak het brood in ong. 40 min. gaar en goudbruin. Warm en koud lekker!


Vierkant kan natuurlijk ook

vrijdag 1 juli 2011

Frambozen gelukzaligheid

Soms heb je van die dagen die je liever snel vergeet, maar soms zijn er ook van die dagen die je wel elke dag zou willen.
Vandaag was er zo een. Het begon al op het werk, gebeurtenissen die flexibiliteit en doortastendheid vereisten. Hoewel ik de laatste tijd regelmatig door ‘menobrein’ zo onzeker als de pest ben en mezelf soms nog stommer dan het achtereind van een varken vind, zat ik vandaag in een flow van zelfverzekerdheid, greep doortastend in en bepaalde de gang van zaken. Ik kijk met verbazing naar mezelf en geef mezelf sinds lange tijd weer ’s een schouderklopje. Even weer net als vroeger. Lekker! ’t Kan verkeren.

Bij thuiskomst twee verrassingen: Een feestelijk pakket van Raspberry Maxx. Een frambozenkweker uit Meijel die een leuke actie bedacht om hun fantastische producten aan de man te brengen. Een deel uit hun tekst:
Wie lekker en bewust eet, de markt een beetje volgt en oog heeft voor het wel en wee van producenten en producten weet het wel: menige teler heeft grote moeite het hoofd boven water te houden. Meestal heeft dat bovendien niets met de kwaliteit van hun product te maken—integendeel, het lijkt wel of het voor telers moeilijker wordt naarmate het product beter is. Zulke telers zijn ook bewuste eters en genieters, maar daarnaast harde werkers die veel passie en respect voor hun product hebben.
Moeten we onze voedselvoorziening dan maar overlaten aan de genade van de cententellers en de massaproducenten? Als jij daar net als wij ook niet aan moet denken, willen we nu jouw steun vragen.


Ik heb dus het Raspberry-Maxx Prepaid Pakket voor 25 euro besteld. Een sympathieke actie. Maar de hoofdreden is dat ik het zat ben om smakeloos, onrijp, duur en weet ik waar vandaan gehaald fruit bij de supermarkt te moeten kopen. En dat ons eten steeds meer een eenheidsworst wordt, zonder kraak of smaak, zodat we straks niet eens meer weten hoe met liefde geteelde producten smaken.


Het ontvangen pakket was, ondanks dat ik het zelf betaald heb, zo’n geweldig cadeau, een feest om uit te pakken. Lekkere dingen van Raspberry-Maxx frambozen:
·      4 doosjes verse frambozen
·      een flinke pot frambozenjam
·      flesje frambozendressing
·      flesje frambozenazijn
·      potje frambozenmosterd (die vond ik iets minder)


Terwijl ik de doosjes verse frambozen op m’n aanrecht bekeek en nadacht over wat ik er mee zou doen, had ik al bijna een doosje leeggegeten. Ken je die sensatie van het eten van echt lekkere frambozen? Je neemt er en in je mond en drukt hem zachtjes met je tong tegen je gehemelte en wat je dan proeft ... hemels!
Onze sla uit eigen moesdakterras maak ik aan met de dressing. Het komt niet gauw voor dat een dressing uit een flesje met zelfgemaakte kan concurreren.
Ik maak nu dus deel uit van de Club van Vrienden van Raspberry-Maxx en ik kan het je aanraden!


Nog een tweede verrassing. Een poosje geleden had ik een wat mopperige brief gestuurd naar het tijdschrift Zin, naar aanleiding van dit blogbericht
Nu blijkt dat deze brief (wel sterk ingekort) in het blad van deze maand geplaatst is en dat daar een prijs bij hoort!
Van Plint een papieren damasten tafelkleedrol van 10 meter, vol met gedichten over lange zomeravonden plus 75 servetten met een gedicht van Peter van Lier. Die ga ik bewaren voor als we in Groningen wonen.


Tot slot kwam Zoon langs om zijn net ontvangen Ipad te laten zien. Hij helemaal blij en ik trots dat hij hem zelf bij elkaar gespaard heeft.


En dit deed Zoon op zijn Ipad, met mijn stem, ik lag in een deuk.

Deze mooie dag eindigt met een mooie zonsondergang:



zondag 19 juni 2011

Gebakken fruit met kruimeldeeg


Een heerlijk nagerecht voor 6 personen,
vrij naar Arthur’s recept.

3 appels
350 g vruchten (bijv. aardbeien/blauwe bessen/frambozen/rode bessen/bramen)
2 eetlepels suiker
sap van ½ citroen
1 eetlepel custardpoeder

Voor het deeg:
90 g zachte plantaardige boter
1 chia-ei (1 el gemalen chiazaad mengen met 3 el water, even laten staan)
110 g suiker
110 g bloem
½ theelepel bakpoeder
1 theelepel vanille extract
snufje zout
poedersuiker om te serveren

Oven voorverwarmen tot 160°C

De appels schillen en in niet tè kleine stukken snijden (2 cm). De bessen mengen met de appels, custardpoeder, citroensap en 2 eetlepels suiker.

Een ovenschaal (25 cm lengte) met plantaardige boter insmeren en hierin het fruitmengsel doen.



Deeg:
De zachte boter kloppen met de suiker, het zout en vanille extract.
Het chia-ei toevoegen en daarna de gezeefde bloem en bakpoeder, het geheel goed mengen.
Dit deeg met behulp van twee lepels over het fruitmengsel verdelen (hoeft niet mooi te zijn).
Nog niet uitsmeren!
Dit 10 minuten in de oven plaatsen.
Het deeg is nu zacht geworden en kan met een spatel uitgesmeerd worden over het fruit.
Terugplaatsen in de oven en in ongeveer 35 minuten verder afbakken.



Als het klaar is iets af laten koelen, in zes stukken verdelen, op een bordje leggen en bestrooien met poedersuiker.





woensdag 15 juni 2011

Anemoon

Een boeketje van eigen dakterras. Eerst staan de anemonen nog een beetje depri in de vaas:

Maar al gauw staan ze er zo bij:


Zephyros, bij de oude Grieken de god van de westenwind had de mooie Chloris met geweld tot zijn vrouw genomen. Hij betreurt dit later en transformeert haar tot Flora, de godin van de bloemen en de lente.

Op dit fragment van het schilderij La primavera van Botticelli zie je (van rechts naar links) Zephyr, Chloris en Flora.

Ook op een ander schilderij van Botticelli, de geboorte van Venus, zie je Zephyr en Flora, in een innige verstrengeling.


Dus zou je denken dat zit wel goed tussen die twee. Maar dan wordt Zephyr verliefd op de nymph Anemona (Grieks anemos = Wind). De woedende Flora veranderde haar in een bloem zodat Zephyr haar niet meer zou terugvinden. De anemoon danst echter zachtjes op de wind, door de aangename aanraking van zefier, de zachte westenwind.

woensdag 8 juni 2011

Zuringsoep

Voorjaar 2010 groeide er in een van de grote potten op m’n dakterras een plantje waarvan ik niet wist wat het was. Nadat ik de workshop ‘Eten uit de Natuur’ gedaan had wist ik het: Veldzuring.
Ik heb de jonge blaadjes geplukt, het was niet erg veel en ik heb er een soepje van gemaakt.
We vonden het goed smaken en apart. In verband met oxaalzuur moet je zuring niet te vaak eten, maar een keertje is wel erg lekker.

Voor een mooie groene kleur had ik misschien net te weinig blaadjes, maar het soepje was wel erg lekker. Mijn recept met deze foto is vorig jaar in het blad Landleven geplaatst, toen nog de versie met crème fraiche.


Hier het recept voor 2 personen:

Veldzuring, zonder steeltjes en gewassen (tja hoeveel, twee flinke handen vol)
1 sjalot, gesnipperd
200 g aardappel, geschild en in blokjes
50 g boter
1 eetlepel bloem
halve liter groentebouillon van blokje
1 eetlepel soyananda
1 theelepel citroensap
peper en zout
Smelt 25 g boter en fruit hierin de sjalot, niet laten kleuren, voeg zuring toe (bewaar twee blaadjes), laat slinken. Voeg bouillon, aardappel, zout en peper toe en laat zachtjes 15 min. koken. Pureer het mengsel met de staafmixer. Maak een roux van de rest van de boter en de bloem. Zuringpuree al roerende toevoegen. Voeg de soyananda en citroensap toe en indien nodig nog wat peper en zout.
Knip de achterhouden blaadjes zuring in reepjes boven de soepkom.


zaterdag 21 mei 2011

Wat een zakken ...



… sommige mannen bedoel ik dan. Als ik op station Rotterdam mijn aansluiting mis, wat regelmatig gebeurt, ga ik bij bruna even tijdschriften lezen. Op de cover van het blad Zin stond de intrigerende zin: ‘Mijn vrouw verandert zo door de overgang’, en dat maakte me nieuwsgierig. Toen ik het gelezen had was ik zo boos, dat ik het tijdschrift kocht om er op te kunnen reageren.
Ik heb het artikel een beetje samengevat:
Het gaat over Jan en Josje. Josje zit in de overgang en volgens haar man Jan klaagt en zeurt ze zo erg dat hij er wel een beetje klaar mee is.

Ze zijn dit jaar 25 jaar getrouwd en Josje heeft opeens geen zin meer om een groot feest te geven, al die rompslomp, dat opgelegd pandoer. Geforceerd gezellig doen met familieleden met wie je eigenlijk niks hebt.
Jan is erg teleurgesteld: want ik vind het leuk voor onze drie kinderen om te vieren dat wij tenminste nog gelukkig getrouwd zijn. Meer dan de helft van onze vriendenkring is gescheiden. Dus tegenwoordig mag je er best trots op zijn als je huwelijk stand houdt.
Maar Josje werd twee jaar geleden 50 en zag daar erg tegenop. Ze is een sportieve, sterke energieke vrouw. Tenminste, dat was ze. Ik heb haar in het afgelopen jaar geleidelijk aan zien veranderen in een zwaarmoedige, tobberige vrouw. Ze klaagt dat ze zo vaak struikelt, en onhandig is. Ze gaat volledig uit haar dak, helemaal overstuur door, in Jans ogen, triviale dingen.
Omdat ze haar kniebanden heeft verrekt sport en fietst ze niet meer en is vijf kilo aangekomen, klaagt dat haar figuur verandert en favoriete broeken niet meer passen.
Ik had nooit gedacht dat ik nog eens verbaasd naar haar zou kijken met de gedachte: je begint onaantrekkelijk te worden. En hadden we nog maar goede sex, maar nee, dat staat op een zeer laag pitje. Ze heeft er geen zin meer in. Kan niet meer opgewonden raken en zegt dat het pijn doet.
Ik vind het wel rot voor haar als ze ’s nachts een ander nachthemd aantrekt omdat ze drijfnat wakker is geworden. Maar ja, wat kan ik daar aan doen? Dat schijnt bij de overgang te horen.

Hij hoort een gesprek tussen Josje en een vriendin, die elkaar volgens hem totaal in de put praatten. Over steken in borsten, haaruitval, gebrek aan concentratie en opvliegers.
Josje zei op een gegeven moment dat ik haar het idee gaf dat ze zich aanstelde. Jan heeft zich beheerst, er niets over gezegd en op zijn fiets gestapt.

Inderdaad: ik vind dat ze zich aanstelt. Tot op zekere hoogte begrijp ik haar ongemakken.
Als ik haar soms naast me in de auto zie zitten met de zweetdruppels op haar bovenlip en de rode vlekken in haar nek, heb ik met haar te doen.

Jan werkt met veel vrouwen en heeft meerdere collega’s door deze fase zien gaan. Ze doen er niet moeilijk over en maken het niet nog erger.
Josje wel, ze laat haar hele leven erdoor beïnvloeden en dat van mij en de kinderen ook. Nu lijden we allemaal onder haar overgangsproblematiek.
Ik heb mijn moeder en oudere zus er nooit over gehoord. Sterker nog: zij hebben gezegd dat hun leven pas na hun 50ste leuk is geworden.
Hij zou Josje ook zo willen horen praten. Hij eindigt met: Ik verlang zo naar mijn oude positieve en vertrouwde kameraadje.

Ik zou Jan willen zeggen:  Vrouwen kiezen niet voor de overgang, of grijpen dat aan om eens lekker te gaan zeuren. Vrouwen kunnen zeuren, net als mannen overigens, maar jouw houding naar je vrouw toe helpt niet echt. Natuurlijk hoor je collega’s, zussen of moeders niet over overgangsklachten. Ze kijken wel uit. Nee, hoor, nergens last van. Kijk dat mannen geen begrip hebben is tot daar aan toe, dat vrouwen elkaar amper steunen, vind ik kwalijk, maar dat echtgenoten hun vrouwen niet steunen en vinden dat ze zich aanstellen, vind ik onverteerbaar.

In Het eigenwijze vrouwenboek, de overgang bewust beleven staat deze uitspraak van Adelheid Roosen, die tegen haar vriend zei: WIJ zijn in de overgang. Niet IK.

Ik zou ook geen zin meer in seks hebben met een man die denkt dat ik me aanstel, mij niet steunt en mij niet meer aantrekkelijk vindt. Jan wil zo graag hun 25 jarig huwelijk vieren om te laten zien dat ze nog gelukkig getrouwd zijn.

Ga vooral zo door Jan, maar of je de 26 jaar dan haalt? Of ga haar steunen, laat zien dat je ondanks dit gedoe van haar houdt (weet je nog Jan ... in voor- en tegenspoed), help haar, geef haar er desnoods een boek over. Denk mee aan oplossingen, in plaats je te ergeren. Er zijn overgangsconsulenten, middeltjes en boeken. Verdiep je er ook eens in. Ook zij verlangt waarschijnlijk naar haar oude kameraadje. Laat haar weten dat jullie je er samen wel doorheen slaan. Geloof andere vrouwen niet als zij zeggen dat zij nergens last van hebben. En vraag hoe ze jullie trouwdag dan wel zou willen vieren. Er zijn heel veel leuke dingen te bedenken, in plaats van een groot familiefeest.

En pas op Jan, er zijn ook mannen die in deze leeftijdsfase opeens raar gaan doen, het heel moeilijk kunnen krijgen.
Ben je zelf nog wel zo aantrekkelijk, ben je zelf ook niet wat zwaarder geworden? Hormonen zijn rare dingen, het is een sprookje dat alle vrouwen in de overgang geen zin meer in seks hebben, het kan morgen opeens compleet omgedraaid zijn. Het schijnt dat de meeste vrouwen die vreemd gaan, of daar over denken, vrouwen in de overgang zijn!

Ik ben zelf een bevoorrecht mens, mijn man zet ’s nachts de ventilator op het hoofdeind van het bed voor me aan. Als ik geschrokken mijn armen laat zien: Kijk nou wat een oud velletje ik krijg, geeft hij er een kusje op. Hij blijft me steunen, pikt m'n buien omdat hij weet, dat ben ik niet, dat zijn de hormonen.
Ik gun alle Josjes wat meer begrip, en als dat niet mogelijk is, laten wij vrouwen elkaar dan wat meer steunen.

Zo, dat lucht op. Weet je wat: ik stuur het ook naar de Zin.

Manlief lacht en zegt: Jan verwoordt een mentaliteit. Het is een fictief verhaal, om reacties los te maken en een tijdschrift te verkopen. Dat is dus gelukt!


zaterdag 30 april 2011

Gemarineerde aardbeien met sorbetijs en basilicumsuiker


150 ml rode wijn
150 g suiker
1 laurierblaadje
stukje citroenschil
1 tl arrowroot 
aardbeien (ongeveer 5 p.p.)
2 takjes tijm
4 eetlepels balsamicoazijn
citroen sorbetijs (AH)

basilicum
50 g suiker

Breng wijn, laurier, suiker, tijm en citroenschil aan de kook. Kook de wijn 15 min. op middelhoog vuur in. Voeg balsamicoazijn toe. Met arrowroot iets indikken.
Leg de schoongemaakte aardbeien in een schaal en schenk er de warme wijnsiroop door een zeef over. Laat afkoelen en in de koelkast enkele uren (of een nacht) marineren. Verdeel de aardbeien over 4 coupes met wat siroop en schep er een bol ijs op. Garneer met de basilicumsuiker en een blaadje basilicum.

Basilicumsuiker
Snijd ongeveer 10 basilicumblaadjes fijn. (Houd 4 blaadjes achter). Maal de fijngesneden blaadjes met suiker fijn in het hakmolentje van de staafmixer tot mooie groene suiker. 






vrijdag 29 april 2011

Jarig

Ik hou niet van verjaardagen, vooral niet de mijne. Het is in het verleden vaak voorgekomen dat er verjaarsvisite voor niks voor de deur stond. Want men had de volgende dag toch vrij. Maar ik was nooit thuis die dag.
Ik ben meestal een weekendje weg. Ik heb er geen zin in. Voor mij geen verjaarsvisite en in een rondje zitten en toastjes eten. Ik hou heus wel van gezelligheid, maar niet zo en niet op die dag.
Ik herinner me als kind dat je in de klas op een stoel moest staan en de kinderen zongen dan voor je. Ik vond mezelf vroeger een lange magere panlat en was erg verlegen. Ik viel liever niet op. Daar stond je dan, wat duurde Lang zal ze leven dan lang. Ik wist dan niet hoe ik moest kijken. Verschrikkelijk.

En nu heb ik er nog weinig mee. Gewoon gewerkt vandaag. De bewoners wel getrakteerd op een stuk povverd. Veel knuffels en zoenen, dat vind ik dan weer wel leuk. Een bos bloemen, zo lief, van de vrijwilligers.
Hoe oud ben je nu geworden? Ik heb niet echt problemen met mijn leeftijd, maar zeg het toch liever niet. Het is net of mensen je anders benaderen als ze het weten. Maar een geheim is het niet. De bewoners (80ers en 90ers) liet ik raden vanmorgen, 30 en 32 werd er gezegd, ha, more, more.
Nee, zei ik 34 (plus 20). Hilariteit en ongeloof.

Het maakt ook eigenlijk niks uit, het lastige is dat je je soms verbijsterd afvraagt waar in hemelsnaam al die jaren gebleven zijn.
Van binnen blijf je je wel jong voelen, maar het lichamelijk verval slaat meedogenloos toe. Ik werk met oude mensen en je ziet wel eens wat. Ik kan u vertellen ... het wordt nog veel en veel erger. Een honkbaltrainer van mijn zoon riep destijds om de haverklap: accepteren, accepteren!
Dat roep ik dan ook maar regelmatig tegen mezelf, vooral toen ik deze oude foto terugvond, waarop ik 21 jaar was. Zucht.

donderdag 28 april 2011

Metselbijtjes

Hotels voor metselbijtjes zijn helemaal in, begrijp ik. Ik heb zoiets weleens onder de dakrand gehad die in de serre uitkwam. De jonge bijtjes die wilden uitvliegen hadden niet in de gaten dat ze een meter naar beneden moesten vliegen om de deur uit te kunnen. Ze bleven maar radeloos bovenin rondvliegen.
Dagelijks ging ik ze met een schepnet vangen om dit prille leven te redden. Je moet er wat lamme armen voor over hebben!


Iemand dacht dat een bamboe windgong een bijenhotel is. Nee, nee dat is geen geschikt bijenhotel. Hoewel, ik heb op mijn dakterras nog zo'n oud ding hangen en zag vorige week in het smalste pijpje een bijtje bezig.

Toen ik net even keek, was het inmiddels dichtgemetseld. Nou zeg, nu maar hopen dat het larfje oordopjes heeft.

vrijdag 22 april 2011

Ze zijn er weer ... Gierzwaluwen!


Toen wij net in ons huidige huis woonden, keek ik verbaasd naar de lucht boven ons dakterras. Het was zomer en ik hoorde een luid ‘Srie Srie’ en zag een gigantische hoeveelheid door de lucht scherende vogels. Ik wist toen nog niet van het bestaan van de Gierzwaluw (Apus Apus).
Inmiddels is het mijn lievelingsvogel en elk jaar kijk ik uit naar hun komst in april. Wij zeggen wel eens, het zijn eigenlijk geen vogels, het zijn magische wezens. Men zei altijd dat ze op Koninginnedag terugkeren, maar eigenlijk was het een dag eerder, op mijn verjaardag. Tegenwoordig komen ze nog eerder. 

Een aantal jaar geleden hadden we een nestje, er was een iets weggezakte pan op ons dak en in die minuscule ruimte werden jonge gierzwaluwen grootgebracht. We hoorden ze piepen. Helaas is dat maar bij een keer gebleven.

De afgelopen dagen speurde ik de hemel af of ik ze al zag. Vanavond aten we op het dakterras en hadden het erover. En opeens riep Mijn Architect: daar zijn ze! Inderdaad, vier stuks vlogen in duizelende vaart rechtboven ons en we hoorden het bekende srie srie.
Gek dat je daar zo blij van kunt worden. Daarentegen ben ik ook altijd wat bedrukt als ze weer verdwijnen. Hoewel het nog vroeg in de zomer is, lijkt het of de zomer dan alweer voorbij is, en missen we ze.
Inmiddels weet ik dat ze maar zo’n honderd dagen blijven en dan weer samen met hun jongen naar Afrika vertrekken. Maar nu eerst nog drie maanden genieten.