maandag 29 juli 2019

Maandaghap (7)

Een vrolijke zevende maandaghap met buren en heerlijk buiten kunnen eten!


Menu was:

Groentekorma en Aardappelköfte
Pandanrijst en Moestuinsalade
Zomerfruittiramisu







zondag 28 juli 2019

Frambozen-tiramisu


De klassieke, bekende Italiaanse Tiramisu is met mascarpone en koffie.
Van Wikipedia: De naam betekent letterlijk trek mij omhoog, wat zoveel inhoudt als beur mij op of maak mij blij. Tiramisu wordt dan ook vaak aan herstellende zieken gegeven, om ze aan te laten sterken en er weer bovenop te brengen.


Ik maak vandaag een geheel plantaardige en met bessen i.p.v. koffie. Ik gebruik hierbij een pak diepvriesframbozen, ik heb niet meer genoeg bessen uit eigen tuin, dus die bewaar ik voor de garnering.
Ik vind hem zo geslaagd dat dit het toetje van de maand wordt bij de Maandaghappen.



Afhankelijk van de grote van de glazen voor 6 tot 8 pers.
150 gram cashewnoten (een paar uur in water weken)
250 gram sojavanillevla
evt. 1 eetlepel rum
80 gram poedersuiker
250 ml opklopbare sojaroom
500 gram diepvriesframbozen of andere rode vruchten, ontdooid
1 pakje speculoos

Voor garnering verse bessen, blaadje munt of viooltje.


Klop de slagroom op.
Giet de geweekte cashewnoten af en pureer ze met de staafmixer samen met de sojavla en poedersuiker (plus evt. de rum) tot gladde massa. Schep er voorzichtig de geklopte slagroom door tot een egale massa.
Stamp ongeveer 20 koekjes fijn tot kruimels.


Roer de frambozen door een roerzeef, de pitjes zijn niet lekker in je toetje, en meng er 1 eetlepel poedersuiker door.
Neem glaasjes en schep een lepel koekkruimels op de bodem.
Dan voorzichtig een lepel cashewroom, gevolgd door een lepel frambozenpuree.
Herhaal, dus koekkruimels, cashewroom, frambozenpuree en eindig met koekkruimels.
Bedek met plasticfolie en laat een paar uur opstijven in de koelkast.
Garneer bij het serveren met verse besjes en eventueel een muntblaadje.




dinsdag 23 juli 2019

Rietkip uit het pannetje (vegan)



Een schrijver gaf als reactie op een facebook-foto van mij met vegan kipsaté de reactie: “Vegan kipsaté? Dat kan dus niet.”

Ik vind het heel grappig maar ben ook wel verbaasd dat vleeseters zich zo opwinden over de namen van vegan producten. Zeker als de naam een vorm betreft zoals burger, worst, balletje.
Het hele schnitzel-gate gedoe volgde ik met veel plezier. De vegetarische slager deed goed werk met de humoristische Alternatieve Verkiezingen.

Dat bedrijven en politiek zich daarover opwinden is voor mij een teken dat men de hete adem van het einde van het vleestijdperk in de nek voelt.


Voor mijn verjaardag kreeg ik het boekje De nieuwe gids voor de niet-bestaande vogels van Europa van O.C. Hooymeijer. Ik kreeg dat boek van Erik, een vroegere buurjongen uit Vlaardingen, die toevallig hier vlakbij woont.
O.C. Hooijmeijer komt ook uit Vlaardingen en woont ook in het noorden, weliswaar in Friesland. 
We vinden zijn gids met prachtige kunstwerken geweldig en veel vrienden die we er kennis mee laten maken, willen het zelf ook hebben.



Achterin het boek zijn ook enkele recepten opgenomen.
Als je een boek kunt maken van niet-bestaande vogels en tevens recepten, dan kan ik die recepten ook veganiseren.
Vegan kip is ook een niet-bestaande vogel.

Ik maakte het volgende recept van de Wapenaar (rixkt rhex)zeldzaam in Nederland. Tijdens de Hongerwinter massaal bejaagd en zo goed als uitgeroeid.
Staat op blz.106 en het recept op blz. 232. 

Rietkip uit het pannetje (Gesmoorde Wapenaar)

De ingrediënten, zoals vermeld in het boek:

1 Wapenaar
6 uien (evt.tulpenbollen)
2 liter water
4 stevige wortels van de lisdodde
2 bossen brandnetels
lampenolie of schroefaskokervet
2 handjes zaagsel of geweekt karton

Er waren wat kleine problemen bij het uitvoeren van dit recept.
Wij eten geen bestaande dieren, maar ook geen niet-bestaande.
Hoe zag het gerecht eruit? Omdat er twee liter water gebruikt werd, ga ik ervan uit dat het een stevige soep was.

De Wapenaar is makkelijk te vervangen door Vegan kip (Gallus gallus vegetabilis).
Maar lisdodde en brandnetel zijn groenten uit verschillende seizoenen. Zo oogst je brandnetel bij voorkeur in de lente en lisdoddewortels aan het eind van de herfst.
Nu hoogzomer zijn beide niet beschikbaar, hoewel het soms nog wel lukt om een handje jonge brandneteltopjes dat nog niet bloeit te vinden. Zeker als je net als ik tussendoor in de tuin aan het wieden sla. Als je net zo slim was als ik, en heb je in het voorjaar brandnetels gedroogd, dan beschik je het hele jaar over deze niet te evenaren gezonde groente.

Omdat we inmiddels weten dat schroefaskokervet en/of lampenolie zeer ongezond zijn, niet biologisch en milieuonvriendelijk, vervangen we dit door olijfolie en plantaardige boter.
Tevens is het tegenwoordig goedkoper en beter te verteren om bloem als bindmiddel te gebruiken i.p.v. zaagsel of geweekt karton.

Zo maakte ik het:

Rietkip uit het pannetje (vegan)
4 pers.

1 bakje Vegan Kipstuckjes
2 uien en 4 sjalotten
bouillon van 1 liter water en 2 groentebouillonblokjes
1 tl tijm
2 pastinaken (kun je geen pastinaak kunt krijgen, dan kan het ook met een selderijknol)
scheut olijfolie
30 g plantaardige margarine
15 g gedroogde brandnetels (in het voorjaar kun je 1 vergiet vol verse topjes nemen)
2 el bloem
peterselie
naar smaak peper en zout
facultatief: scheutje sojaroom

Schil de pastinaken en snij in kleine blokjes. Kook ze gaar in de helft van de bouillon. Voeg de brandnetel toe en pureer met de staafmixer.


Snij de uien in halve ringen, verhit de margarine in een andere pan en bak de uien op laag vuur. Kan wel een half uurtje duren, hoe langzamer hoe lekkerder. Als de uien goudbruin zijn de bloem toevoegen, een paar minuten al roerende laten garen, tijm toevoegen en de andere helft van de bouillon. Voeg dan de uien toe aan de pan met gepureerde pastinaak en roer door elkaar. Laat nog enkele minuten goed doorwarmen. Voeg naar smaak peper en zout toe. Het is een stevige soep. Mocht het te dik naar je zin zijn, voeg dan een scheutje water toe.

Bak de kipstukjes in een koekepan rondom goudbruin in de olie (omdat deze veel sneller gaar zijn dan de Wapenaar, bereiden we ze aan het eind van de kooktijd i.p.v. er mee te starten).
Schep het gerecht in kommen of diepe borden, voor het mooi nog wat druppels sojaroom en er de gare kipstukjes plus wat fijngehakte peterselie over verdelen.




Eet er stevig brood bij met kruiden-bloemenboter.























donderdag 18 juli 2019

Eet Lekker Mee (1)

Het eerste Eet Lekker Mee-diner is een feit. Een gezellige avond! Met mensen uit ons dorp en uit Molenrij.
Het menu was:

Amuse: Hapje met eiersalade zonder ei

Moussaka
Tuinboontjes en Kapucijners op Griekse wijze
Salada met plantaardige Feta en Vlierbloesem-sumakdressing
Frietjes, Tzatziki en Mayonaise

Perzikcobbler, Aquafaba-ijs en sojaslagroom






woensdag 17 juli 2019

Rode aalbessiroop



Ik heb een flinke aalbessenstruik in mijn tuin. Hij hangt helemaal vol met grote, dikke trossen. Hoewel ik veel mensen ken die het niks vinden, te zuur, ben ik er gek op.
In het Duits heetten ze Johannisbeere, ze zijn rond eind juni rijp.
Ik ga er deze keer geen jam van maken, hoewel ik dat wel lekker vind, maar heb nog genoeg jammetjes in de kelder staan.



Ik ga er siroop van maken, wel onverhit zodat alle goede eigenschappen van de bes bewaard blijven. Met veel suiker ja, want anders heb je geen siroop. Voor de houdbaarheid is een hoog suikerpercentage noodzakelijk. Het citroenzuur is ook voor extra houdbaarheid, en maakt het wat frisser.



Na het plukken spoel ik de trosjes af en doe ze door de sapcentrifuge, met steeltjes en al.
Dit verkregen sap laat ik voor de helderheid nog door een doek uitlekken.

1 liter vers geperst aalbessensap
1500 g suiker
25 g citroenzuur

Ik voegde de suiker aan het sap toe en het citroenzuur. Omdat het sap onverwarmd is lost de suiker heel langzaam op. Regelmatig heel veel roeren dus.
Als alle suiker gesmolten is giet ik de siroop in brandschone flessen.
Dit blijft wel een jaartje goed, maar zolang zal het wel niet staan.
Aangelengd met (bruis)water is het een heerlijk verfrissende limonade.


In het bos achter ons huis vond ik een stekje van een witte aalbes. Die vind ik bijna nog lekkerder en zo mooi, dus verhuisde deze naar mijn tuin en plaatste ik hem naast de rode bes.
Er hangt nog niet veel aan. Ik hoop op heel veel witte bessen volgend jaar!