Posts tonen met het label niet-vegetarisch. Alle posts tonen
Posts tonen met het label niet-vegetarisch. Alle posts tonen

zondag 19 augustus 2012

Rivierkreeftjes



Nu ik steeds vaker een rivierkreeft op het fietspad tegenkom, ben ik me eens gaan verdiepen in dit beest en kwam schokkende feiten tegen.
Het gaat om meerdere soorten van de Amerikaanse rivierkreeft. Het schijnt dat heel Zuid-Holland al vergeven is door de massale opmars van deze exoot. Ze zijn hier als voedsel gekomen, zijn in het wild uitgezet of ontsnapt bij onvoorzichtige aquarium- of vijverhouders. De kreeftjes planten zich razendsnel voort. Ze eten alles wat op hun pad komt, waterplanten verdwijnen, (beschermde) amfibieënpopulaties zijn verdwenenen, vissebroed eten ze op, dus geen kleine visjes meer. Vissen en vogels komen in de problemen.

De rivierkreeften maken in korte tijd van een heldere sloot met veel onderwaterleven een kale troebele sloot. Miljoenen bevolken nu de polders, sloten en singels hier. Je kunt het vergelijken met een sprinkhanenplaag, die vreten ook alles weg en trekken dan weer verder.
Ook graven ze tunnels en gaten waardoor oevers ernstig verzwakken, je zou ze  de muskusrat van de toekomst kunnen noemen.


Ik vind ze lekker en kocht ze weleens kant-en-klaar gepeld in die plastic bakjes, afkomstig uit China. Maar niet meer nadat ik gezien heb in een aflevering van Keuringsdienst van Waarde, afl. rivierkreeft … hoe ze daar gespoeld worden in ‘goedgekeurde chemicaliën’ ... brrr.
Wij zijn lid van Slow Food en die organiseert vanmiddag “Proef en beleef … Rivierkreeftjes uit het Groene Hart, een plaag of lekkernij?”

We hadden wel een fantastische middag, op de warmste dag tot nu toe! Op een prachtige plek bij een boomkweker worden we ontvangen met vlierbloesembubbels. Er wordt erg goed voor ons gezorgd bij deze hitte, er worden veel flesjes water uitgedeeld.
De visser Hans van der Laan vertelt het verhaal over de Amerikaanse rode rivierkreeft. Van hoe ze hier zijn gekomen, leven en worden gevangen.
Hij vertelt ons van het onderzoek en de pogingen om de strijd tegen deze dieren aan te gaan. Hij ontwikkelde speciale fuiken die geen schade aan de visstand toebrengen. En wat doe je dan met al die kreeftjes? Opeten!
Hoewel ik als flexitariër amper nog vlees eet vind ik dat als ze toch dood moeten, je ze beter kan opeten dan weggooien. Denk ik ... rationeel ... maar lastig blijft het ... dood dier.

We leren dat het dus echt een plaag is en dat ze ook erg lekker zijn. 
Probleem opgelost zou je denken?

Maar zo simpel is het niet. Als ze handel worden kunnen mensen misschien denken, ik zet ze ook uit in de sloot achter mij, kan ik makkelijk wat bijverdienen. En wordt het probleem alleen maar groter.
Wel opeten als ze gevangen worden, maar het moet bestrijding blijven, het mag geen handel worden, dat is het dilemma.
Hij noemt het een ecologische tijdbom. Het is trouwens niet toegestaan om ze te vangen als je geen beroepsvisser bent. Als ik er een paar zou vangen voor een maaltje, komt er weer ruimte en gaan ze nog harder groeien.
Hans is een boeiende verteller, het is allemaal razend interessant.
De mensen van SlowFood laten ons ondertussen kennis maken met hapjes van de kreeft. 



We gaan met Hans in zijn bootje het water op en kijken naar de fuiken. Intussen is Marian Humme, van Groene Hart Catering, in de weer met het bereiden van gerechten met de rivierkreeftjes.
Daarna gaan we aan de lange, mooi gedekte tafel zitten op een plek onder de bomen. Leuke mensen ontmoeten en lekker eten.


We beginnen met een bisque. Daarna naturel kreeftjes en mayonaise, met heerlijk brood en boter. Een frisse seizoensalade, een lekkere rosé.
Dan moeten we zelf aan de slag met pellen, even iets overwinnen, al die scharen en pootjes. Het is een handigheid, het lukt met al snel om het kleine stukje vlees er heel uit te halen. 



Tot slot nog een nagerecht met zomerfruit en munt. We krijgen nog een tas met info en de recepten mee.
Wat vonden we dit een leuke, goed georganiseerde middag, er ging een wereld voor ons open, we hebben genoten van alles wat geboden werd.

Relevante links:






Hier nog een filmpje van Jeroen, die leuke Belgische kok



* Update 2013: Inmiddels eet ik geen dieren meer. Ik vind het nog steeds jammer dat deze invatieve rivierkreeften hier in bijna alle sloten voorkomen en dat zodoende de oorspronkelijke bewoners uitsterven. Maar ik hoef ze niet meer ... wat moet je er dan wel mee? Als, en met nadruk als het echt noodzakelijk is om ze te bestrijden ... maak er dan maar kattevoer van.




maandag 12 maart 2012

Vlaamse vogelnestjes (ei in gehakt)


Voor twee personen:

3 ons gehakt, half om half
1 ei
2 hardgekookte eieren (gepeld)
zout en peper, kruiden naar eigen smaak
1 eetlepel paneermeel
1 lepel olijfolie

Meng het gehakt met de kruiden, het ei en paneermeel
Verdeel het gehakt in tweeën.
Rol een bal en duw er een kuiltje in. Leg een gekookt ei in het kuiltje en kneed het gehakt er omheen. Goed aandrukken en rollen tot het een mooie naadloze bal is.

Verwarm de oven op 180° C

Verhit de olie in een koekepan, braad de ballen rondom bruin, doe ze in een ovenschaaltje en bak ze in de oven in ongeveer 25 min. gaar.

Dit recept komt van de Vlaamse site Dagelijkse Kost van de kok Jeroen Meus. Een fijne website, je kan bij de recepten het aantal personen kiezen. En er staan duidelijke videos bij.
Ik heb zijn recept aangehouden, ik ben alleen niet zo dol op nootmuskaat in gehakt.

Inmiddels heb ik hier ook een vegetarische versie van gemaakt.


maandag 23 januari 2012

Kookclub Boerenkoolstamppot


Ik had besloten om boerenkoolstamppot te eten op mijn kookclub op mijn werk. Wat een gepuzzel … hoeveel boerenkool heb ik nou nodig?
Natuurlijk geen kant-en-klaar gesneden, want dan hebben de deelnemers niks te doen.
Ik kijk bij mijn kookboeken, het oudste, degelijke kookboek: ‘Het nieuwe koken’ van Henderson&Toors 1948/1975, geeft het advies:

Zorg, dat g’uw kookkunst-resultaat
Zelf steeds kritisch gadeslaat!

Recepten zijn voor 4/5 personen
Er staat …
1à 1¼ kg boerenkool (+  600 g gesneden)
2 kg aardappelen
Dat zou betekenen dat ik het voor mijn wekelijkese kookclub maal twee moet doen.

Ik sta in de winkel … de bladboerenkool is per zak van 500 g.
Ik sta te dubben, 4 nemen … of 5.
Ik neem er vijf.
Dus 2500 g. Het lijkt gigantisch veel.

Een zak van 2½ kilo aardappelen lijkt me wel genoeg.
Mijn mensen eten niet zulke grote porties.

Rookworst bij appie drie halen, twee betalen.
Ik prik een gat in de zakken boerenkool, dan passen er meer in m’n mandje voorop.
Mijn buurvrouw houdt m’n fiets vast, terwijl ik alles probeer mee te krijgen. “Wacht”, zegt ze, en gaat een boeketje anemonen pakken: “Hier, voor je Kookclub, ze zijn al zover open, die kunnen niet meer verkocht worden”.
Ze zijn prachtig, fluwelig paars.
Ik bestijg m’n stalen ros, het lijkt vandaag of ik steeds wind tegen heb, welke richting ik ook fiets. Soms kom ik amper vooruit, maar ik houd me voor: dit is gratis, er zijn mensen die voor zoiets veel geld betalen bij een sportschool!

Ondertussen laten rekensommetjes van boerenkoolhoeveelheden me niet los. Is 500 gram blad hetzelfde als 250 g kleingesneden en daar dan weer de helft van als het gekookt is? Slinkt het met de helft? Heb ik dan wel genoeg?


De mensen vinden het leuk, die grote bladeren op tafel. Hoe deed u vroeger dat, had u het ook in de moestuin?
Volop verhalen. De een zegt je moet de bladeren van de dikke nerf ritsen, nee plukken. Weer een ander snijd milimeter dunne sliertjes.
De aardappels zijn geschild, alle beschikbare vergieten en de afwasteil staan propvol gesneden kool klaar. Ik laat steeds een hoeveelheid kool slinken tot alles in de pan past, dan bij de aardappels voegen en als het gaar is, stampen maar. Ook weer een gratis work-out.
Uitgebakken spekjes erdoor en de rookworst warm laten worden.
Uiteindelijk twee flinke dekschalen vol met heerlijke boerenkoolstamppot, smullen.
Gekookt voor een weeshuis?
Ik denk dat er wel twintig ouderen van hadden kunnen eten!!


Een mevrouw wilde eerst niet komen, er was iets verdrietigs in haar familie gebeurt. Toch liet ze zich overhalen, want je moet toch eten, en dan heb je wat afleiding. Het verdriet stond in haar gezicht gegrift, maar wat ben ik dan blij dat ik haar toch aan het lachen heb gekregen. Wat genoot ze van het koolsnijden.
Na afloop vroeg ik of ze de anemoontjes mee naar haar kamer wilde nemen. Je zag haar ogen oplichten en ze zei dat ze blij was dat ze toch naar de Kookclub was gekomen.
Kijk, daar doe je het voor!