donderdag 31 maart 2011

Als een Nikè …

Louvre Museum Parijs, 2002
… zonder hoofd en armen, (wie weet worden zo ooit weer gevonden), maar wel met vleugels, de godin van de overwinning verschijnt waar een strijd plaats vind.

Deze strijd begint te wennen: halve nachten wakkerliggen, een niet aflatende strijd tegen kilo’s die er steeds weer ongemerkt bij willen komen, want ondanks braaf en wijs omgaan met eten en drinken wil mijn taille stiekem verdwijnen. Met opvliegers, kolonnes mieren die 's nachts onder de huid van m'n benen van boven naar beneden en weer terug marcheren en andere vage klachten valt inmiddels te leven.

Lastiger te accepteren is moeite met concentratie, niet meer kunnen nadenken. En kan ik nou werkelijk niks meer onthouden? Dat haat ik echt!
Ik ging er altijd prat op dat ik een perfect geheugen had, vraag maar, ik weet alles …

Nu begrijp ik ook de gesprekken vroeger van mijn ouders beter, zinloze discussies vond ik het destijds, over wat wanneer waar met wie waarom was geweest. O, dear, zo’n soort gesprek hadden Mijn Architect en ik laatst ook.

Ik liet zelden iets uit mijn handen vallen, maar nu … ergens las ik de term menoklunzigheid, ik begreep het gelijk. Deed ik eerst 20 jaar met m’n glazen, nu ben ik al weer aan een zoveelste nieuw setje toe.
En dan nog de wartaal die ik met regelmaat uitsla, loop ik te raaskallen tegen leuke mannen,  bij voorkeur Groningers.
Eigenlijk ben ik dat niet hoor, dat zijn de hormonen, die maken dat ik net als Nikè hoofd en armen moet missen*. De overgang is een normale en natuurlijke fase … zegt men, dus zijn er ook voordelen? Ja, geen zorgen meer voor zwangerschap, bloeden hoeft niet meer en dus meer plezier. En - godin zij dank - geen last van, zoals je vaak hoort, libidoverlies, nee, nee, integendeel! :)
Imaginair vlieg ik de wereld over (of Groningen) en ga voor de overwinning.

*De Nikè van Samothrake is een Grieks marmeren beeld dat de Griekse godin van de overwinning Nikè voorstelt.
 Het beeld is een meesterstuk van leven, beweging en realisme en straalt allure uit. Het stelt een gevleugelde vrouw voor, de allegorie van de overwinning. Het beeld geeft het ogenblik weer waarop de gevleugelde Nikè neerdaalt op de voorsteven van een schip. Door de hevige wind kleeft haar kleding aan haar lichaam waardoor haar sierlijke vormen en de rondingen van haar lichaam zichtbaar worden. Het beeld is vervaardigd van wit marmer afkomstig van het Griekse eiland Paros. (Wikipedia)

Leesvoer:
In Godinnen in de ouder wordende vrouw schrijft Jean Shinoda Bolen: Als een vrouw nu eens elke ‘opvlieger’ ervoer als een stoot energie, die de archetypen van wijsheid en innerlijk gezag leven inblaast. Tja, makkelijker gezegd dan gedaan..
ik vond het wel een aardig boek, ook omdat ik wat met godinnen heb.

De overgang als bron van kracht van Christiane Northrup, ik was er ooit in begonnen, anderen lopen er mee weg, maar ik werd er wat moe van.

zondag 13 maart 2011

Rijstepap


Zomaar ineens trek in ouderwetse rijstepap, lekker dik en goedkoop gemaakt op het petroleumstel:

Rijstepap voor twee personen:

100 g paprijst
halve liter melk
snufje zout
zakje vanillesuiker

Doe de ingrediënten in een pan. Breng al roerend langzaam aan de kook (let op, brandt gauw aan).

Daarna op het petroleumstel een half uur zachtjes laten pruttelen tot alle melk opgenomen is.


Serveer met een klontje boter en suiker met kaneel.
Ook lekker als toetje.


woensdag 9 maart 2011

Gehakt in bladerdeeg


Dit gerecht maak ik graag en regelmatig. Het is een recept voor twee of drie personen dat ik 13 jaar geleden overschreef uit het blad Boodschappen, toen nog met dierlijk gehakt.
Nu maak ik het gewoon met plantaardig gehakt, wat net zo goed, zelfs beter smaakt.

250 g plantaardig gehakt
4 plakjes bladerdeeg (ontdooid)
1 sjalot en 1 teentje knoflook, gesnipperd
peper en zout, en je eigen favoriete kruiden/specerijen om gehakt te kruiden
1 eetlepel mosterd
1 el gemalen lijnzaad, tot een papje geroerd met water
olijfolie
sojamelk

Fruit de ui en de knoflook in de olie, voeg het gehakt toe, met de gewenste kruiden en laat al roerende kort bakken.
Van het vuur af de mosterd er door mengen en het lijnzaadmengsel.
Laat afkoelen, zo mogelijk nog even in de koelkast zetten om het wat op te laten stijven.
Verwarm de oven voor op 220°C.


Leg de bladerdeegplakjes zo dat er een vierkant van 20 x 20 cm ontstaat, laat ze elkaar net overlappen en druk de randen op elkaar.

Verdeel de lap met de botte kant van het mes in de lengte in drieën zonder het deeg door te snijden. Verdeel de twee buitenste zijden met een mes in schuine reepjes van 1,5 cm breed en bestrijk met sojamelk.


Vouw de bovenste en onderste deegreepjes naar binnen, zodat er een soort bakje met opstaande rand ontstaat.

Schep het gehakt in het midden. Vouw de overige deegreepjes om en om over de rol naar het midden.

Bestrijk met sojamelk en leg op een met bakpapier beklede bakplaat. Laat in ca. 20 min. goudbruin bakken. Eventueel wat sesamzaadjes overstrooien.
















maandag 7 maart 2011

Consuminderen

Workshop eten uit de natuur (2010)

Sinds de crisis, en zeker de laatse twee jaar, moeten wij bezuinigen. Man werkt voor zichzelf en de inkomsten werden minder.

De auto weg was geen bewuste keus, het kwam door een ongeluk. Man moest flink op z’n remmen gaan staan omdat de auto voor hem plots stopte, dat ging net goed, maar de auto achter hem had dat te laat door en duwde hem met volle kracht tegen de voorstaande auto. Mini-kettingbotsing van drie auto’s. Voor- en achterkant in elkaar, total loss. Man na controle in het ziekenhuis opgelucht weer naar huis, voor hetzelfde geld loop je een whiplash op. Geen auto meer, we kregen er nog wel wat voor terug, maar niet genoeg om iets goeds terug te kopen.

Man ging voortaan met de trein naar zijn atelier en dat was helemaal niet erg, hij vond het zelfs prettig, tijd om wat te lezen!
De verbinding is goed en met mooi weer gaat hij ook op de fiets (toch 20 km heen en 20 km weer terug). Dus we stelden de aankoop van een andere auto steeds uit, konden we even (be)sparen.

Inkomen werd nog minder, gelukkig hadden we aardig wat spaargeld (was eigenlijk bestemd voor o.a. een nieuwe keuken), dus van dat geld en van mijn niet zo riante salaris redden we het net.

Wij gingen voorheen vaak uit eten en hoewel dat al minder was geworden sinds de invoering van de euro, gaan we nu alleen nog buiten de deur eten als er iets te vieren valt. Ik kan voor minder geld meestal beter koken dan wat er in onze woonplaats aangeboden wordt. En dan hoef ik ook niet eeuwig te wachten of ongastvrij bejegend te worden.

Ik lees verschillende consuminderblogs, er zijn een heleboel leuke, en pik daar goede bespaartips op.
Gewone dingen, die je wel weet, zoals bij standby-apparatuur de stekker er uit, meer spaarlampen, licht uit waar je niet bent, thermostaat lager. Wassen enz. in het weekend, want lager tarief stroom. Het zijn allemaal kleine beetjes, die toch helpen. Maar ook aparte tips waar je zelf niet zo gauw op komt, zoals
schoonmaken met azijn, in plaats van al die prijzige schoonmaakmiddelen, en er achter komen dat het nog beter werkt ook.

Ik kreeg veel bewondering voor de schrijvers van die blogs, meestal zijn ze er financieel erger aan toe dan wij. Die discipline om alles bij te houden! Geïnspireerd door hen noteerde ik ook al mijn uitgaven en kwam er achter dat er nog beter bezuinigd kon worden. Ik schrok van wat ik in een jaar aan kleding en schoenen uitgaf! Dat is nu nog minder dan een derde.
Het opmerkelijke was dat we er eigenlijk niet onder leden, we werden ook bewuster wat betreft milieu. Wat moet je toch met al die prullen en rotzooi?
Dat wil allemaal niet zeggen dat we karig leven hoor, we kunnen samen erg genieten, ook met een flesje wijn van twee euro!

Net de jaarafrekening van de energie binnen, en een beloning van een jaar goed opletten, we krijgen geld terug, en de eerste termijn is er al af. Dat motiveert wel om daar mee door te gaan.
Workshop kippen houden (2008)
Pech was wel weer dat op dat moment de tandarts besloot dat ‘groot onderhoud’ nodig was.

Omdat we ook niet meer naar Griekenland vlogen, hebben we afgesproken dat we, als het kan, elke maand iets leuks doen. De lezers van mijn andere blog Ontdekking van Groningen weten van onze weekendjes en vakanties in het noorden.

De workshops die ik volg doe ik voor m’n plezier, maar ook in het achterhoofd dat ik misschien later wat meer zelfvoorzienend kan leven. Ik heb een, misschien beetje naïef, romantisch idee van je eigen groente en fruit telen, zelf je brood bakken, eieren van je eigen kippen. In ieder geval leer ik veel nieuwe dingen, die straks vast heel handig zijn.

Het went erg snel, dat consuminderen en is helemaal niet erg, nu vind ik dat we in het verleden best verspillend en decadent leefden, dat laat ik nu niet meer gebeuren.


donderdag 17 februari 2011

Op excursie met Nico de Haan


In 2004 gingen wij met Nico de Haan mee op Ganzenexcursie. Eerst kreeg je per mail een aantal lessen over de verschillende soorten ganzen. We leerden twaalf soorten ganzen kennen. En dan met een bus vol vogelliefhebbers naar Zeeland. Dat was zo’n leuke dag, net een schoolreisje!

Zeeland, februari 2004
Komend weekend organiseert Nico de Haan weer een excursie … in Groningen en wij gaan dus mee. Deze excursie is drie dagen en we logeren in het Kloosterhotel in Kloosterburen. Op mijn andere blog vind je het verslag van deze geweldige dagen!



woensdag 16 februari 2011

Mijn mannen


Even een terugblikje: Deze foto is genomen in mei 1986, in het Kralingse Bos in Rotterdam en onze zoon is hier bijna één jaar.
Mijn Architect staat er zo stoer bij, met een zware van Nelle tussen de lippen en zodra Zoon een fototoestel zag, begon hij al te lachen.

En dit stuurde mijn zoon als reactie op bovenstaande foto:


woensdag 9 februari 2011

Lente


Gisteren een eerste echte lentedag. Vrije dag, komt dat even goed uit. 's Morgens met J. een flinke wandeling gemaakt. Niet koud, zon en blauwe lucht. Zelfs de reigers waren aan het zonnebaden!




zaterdag 5 februari 2011

Katje Psili


Vrijdag zag ik in De Wereld Draait Door Hans Dorrestijn en Midas Dekkers in de hoedanigheid van hondenhaters. Ik kan me wel verplaatsen in iemand die niet van honden houdt, maar als ik zeg dat ik niet van katten hou is er groot onbegrip. Ze zijn zo lief, leuk, aanhankelijk.
Ja, honden zijn ook lief, leuk en aanhankelijk. Maar dat geblaf ... Nou, tijdens sommige nachten hier achter in de steeg waar het geluid van krolse katten klinkt ... dat is ook geen pretje. En van beide is de poep hoogst irritant.
De honden doen het vlak voor mijn deur, de katten zitten in mijn bloempotten. Maar in beide gevallen laten de 'baasjes' dat gebeuren en kan je het de dieren eigenlijk niet kwalijk nemen.
Nogmaals ik kan mensen begrijpen die niet van honden houden. Ik hou ook niet van alle honden. Ik zie veel soorten honden waar ik niks mee heb. Hondenrassen zijn aan mode onderhevig. En veel van die modehonden vind ik ronduit lelijke, nare mormels, gefokt op rare modieuze uiterlijkheden waar die dieren zelf niet echt beter van worden.
Ik hou bijvoorbeeld zelf meer van honden met een vacht. Dat gladharige van het type ‘vechthond’ vind ik niks. Hondenrassen die nog lijken op hun voorouder de wolf spreken me erg aan.

Ik heb nooit van katten gehouden, was er vroeger zelfs en beetje bang van. Ze zaten altijd zo gemeen naar me te loeren. En alsof ze het wisten, in een kamer met allerlei mensen die het wel leuk vinden, sprongen ze juist bij mij op schoot, draaien het achterste naar me toe, staart recht omhoog zodat ik goed zicht heb op het poepgaatje. Getsie.
En dan gaan ze met hun nagels uit in mijn bovenbenen stampen. Vroeger zat ik verstijfd van angst, later konden ze een zwieper krijgen.

Maar een mens kan veranderen. Er is één katje geweest die me om kreeg. Het was in 2001, we waren op vakantie op het Griekse eiland Chios. We hadden daar, net als voorgaande jaren, het appartementje in de sinaasappelboomgaard van Mike en Maria, een familie waar we erg graag verbleven.

De vorige gasten vertrokken net en vertelden ons dat er aan de zijkant van het huis een jong poesje waarschijnlijk aan het sterven was.
Ik ging kijken en het was een heel jong beestje, broodmager en onder de vlooien en teken. Kijk dat ik niet van katten hou wil natuurlijk niet zeggen dat een dier moet lijden.
Ik zette een schoteltje met water vlak bij z’n bekkie, maar geen reactie.
Wij gingen boodschappen doen en in die supermarkt besloot ik toch wat kattevoer mee te nemen, brokjes en zo’n zakje zacht voer.
Ik deed dat zachte voer op een bordje en liet hem ruiken. Geen reactie. Ik smeerde met mijn vinger wat aan z’n mondje en na een tijdje kwam er een tongetje te voorschijn en begon hij wat te likken. Het was blijkbaar erg lekker.
Ik schoof het bordje wat van hem weg zodat hij wel overeind moest komen ... en dat deed hij. Het was een witte kat, met een zwart staartje, zwart oortje en een zwart vlekje op z’n kin en achterhoofd. Hij was lang en dun. Door het eten is hij opgeknapt, het was net alsof hij besloot toch maar te blijven leven. Hij was niet bij me weg te slaan, hoe vaak ik hem ook van m’n schoot zette, hij bleef stug terugkomen. Ik heb teken verwijderd en een spuitbus insecticide over hem gespoten. Je zag hem per dag opknappen. Het duurde even voor hij doorhad dat ik hem echt niet in huis wilde, hij zat maar met z’n piepstemmetje voor de deur te mauwen. Na een paar dagen had hij het door. Aan het eind van dit filmpje hoor je nog net hoe het klonk als hij mauwde.


Ik moet toegeven, we waren erg op elkaar gesteld, ondanks dat ik vrij streng tegen hem was. Hij zag er steeds beter uit en eigenlijk wilde ik dat hij ook zelf eten kon vinden. Als we straks weer weg zijn moet hij het ook zelf redden. De eigenaars van dit terrein zouden hem zeker wegsturen, ze hadden eigen katten en hoefden daar geen zwervers bij. Ik gaf hem steeds minder brokjes en zette hem in de olijfbomen om ons heen die vol zaten met grote tzitzikas (cicaden). Als hij nou zou leren zo’n beest te pakken, dan heeft hij daar wel een goed maaltje aan, dacht ik.
Hij snapte direct wat ik bedoelde: hij greep zo’n insect en at met smaak tot alleen de vleugels over waren.


Hij werd mooier en mooier, maakt zich vaak schoon en was weer spierwit. Het hele magere was verdwenen. Hij werd ook steeds speelser en ging steeds meer z’n eigen gang.

Toen we op een dag van een uitstapje terugkwamen ... Psili was weg.
Gevraagd aan Mike, maar die wist alleen te vertellen dat hij ’s nachts kattengevechten heeft gehoord. Ik was ervan overtuigd dat hij niet dood was, dan had ik hem gevonden. Ik heb overal gezocht, de hele boomgaard doorgelopen, geroepen, eten neergezet ... maar hij was weg en bleef weg.
Ik trooste me met de gedachte dat hij inmiddels voor zichzelf kon zorgen, goed opgeknapt was en dat het tijd was om de wereld in te gaan.
Misschien maar beter ook, want ik dacht soms als we straks terug moeten, hoe smokkel ik hem mee in het vliegtuig?

Dit beestje heeft me geraakt en is het een katje dat ik wel had willen houden.


vrijdag 4 februari 2011

Van groen glas tot zwart-wit aardewerk

Ik heb de neiging tot verzamelen, het mag eigenlijk niet van mezelf want mijn huis is niet groot, er gaat veel tijd en geld inzitten en dan ook nog steeds dat afstoffen. Maar het overkomt me regelmatig dat ik weer iets ga ‘sparen’.

Mijn eerste echte verzameling was oud groen glas. Ik deed nog kalm aan, zo nu en dan wat wijnglaasjes, kleine vaasjes en schaaltjes, maar al gauw grotere stukken.
Toen de mensen in mijn omgeving dat doorhadden ging men voor me opletten. Ik kreeg steeds meer, ook dingen die ik niet zo mooi vond of de foute kleur groen hadden.
‘Kijk eens wat ik voor je gevonden heb’ … en dan verwachtingsvol mijn reactie afwachten. Het was altijd zo aardig bedoeld, dan kun je moeilijk zeggen dat je het niks vind, of dat je liever zelf iets zoekt. Door het hele huis kwam prullaria van groen glas te staan, geschenkjes kwamen zelfs van winkels als Blokker of Marskramer, vaasjes, kaarsenstandaards, theelichthouders, flesjes.
Ik had er geen lol meer in en gaf aan dat ik ‘gestopt was met groen glas’.


Een paar dingen heb ik bewaard en de rest te koop aangeboden. Er kwam een echtpaar kijken, waarvan de man al meteen de mooiste stukken begon uit te zoeken. Nee, nee, dat is niet de bedoeling ... alles in één koop of niets. Als ik opruim doe ik het grondig.
Zijn vrouw vond de prulletjes wel leuk, hij was meer geïnteresseerd in het ‘Annagroen’. Nou had deze man een geigerteller bij zich en bij veel stukken ging dat ding toch tekeer!
Weg ermee ... dat radioactieve spul wil je toch niet in je eetkamer hebben? Hij was er wel blij mee.
Toen begon ik een nieuwe verzameling. Nederlands keramiek. Kleine vaasjes.Het leek me ook wel veilig om dit te verzamelen, omdat je het niet zo vaak tegen kwam, dus was het redelijk in de hand te houden. Hoewel, binnen niet al te veel tijd had ik een hoop vaasjes, daar moest dus een kastje voor komen.
Ik kon ook geen weerstand bieden aan wat grotere vazen, omdat ik ze zo mooi vond. En het afdingen goed lukte! Ondanks dat het bijna museumstukken zijn, is het geen fragiel spul, dus worden ze ook gewoon gebruikt.
Ravelli heeft wel mijn voorkeur:

woensdag 2 februari 2011

Tovertabak


Een poosje geleden vroeg iemand in een Gronings café aan me: Heb je wel eens drugs gebruikt?

Het is wel heel lang geleden, ik denk dat ik rond de 18 was toen ik wat stickies (zo noemden we dat toen) gerookt heb. Nadat mij een keer een ‘vreetkick’ overkwam, hield ik het voor gezien.

Ik heb het niet nodig, ik maak volgens mij al genoeg dopamine aan ..... ik raak al van een leuke Groningse zanger ‘in de gloria’. Je moet er toch niet aan denken dat ik dan ook nog iets zou gebruiken, dan zijn de rapen helemaal gaar.

Laatst las ik het volgende:
Bij het luisteren naar favoriete muziekstukken wordt namelijk de 'genotsstof' dopamine aangemaakt. Dopamine speelt een grote rol bij het ervaren van genot, blijdschap en welzijn en wordt ook bij drugsgebruik opgewekt.

O, zit dat zo! Ik gaf de overgang al de schuld. Lees het artikel hier verder: Volkskrant.nl

Toen mijn zoon ook ongeveer die leeftijd had, vertelde hij me dat hij met een paar vrienden een joint gekocht had. Ik dacht toen: Nu goed opletten, niet gelijk gaan preken of verbieden, dan wordt het juist aantrekkelijk.
Ik stelde voor dat ze die dan maar hier moesten komen roken.
Nou dat was wat, bij Zoon thuis mocht je blowen!

Een van z’n vrienden vroeg aan me: Bent u daar dan niet tegen?
Ja, natuurlijk wel, maar ik heb liever dat jullie het hier doen, dat ik erbij ben, dan dat er straks iemand misschien beroerd in een of ander steegje ligt.
In ieder geval was de spanning en het stiekeme eraf.

Het woord ‘tovertabak’, mooie vondst trouwens, kwam ik hier tegen: Alex Vissering's weblog 
(wel in het Gronings).
Nou vind ik het alleen jammer dat ik vergat te informeren: Waarom vraag je dat?

dinsdag 1 februari 2011

Dinsdag Dicht (3)



geen Jans Pommerans
wel rust, liefde en geluk
daar in Nieuweschans


(n.a.v. onze allereerste vakantie in de provincie Groningen, 22-30 januari 2011)




donderdag 20 januari 2011

Neus


Gisteravond: Ik kom tegen zessen thuis en wil lekker gaan kokkerellen als de telefoon gaat.
Man zegt: Schrik niet, ik ben met de fiets gevallen en wacht nu op de ambulance!
Ik weet hoe hard hij altijd van zijn atelier naar het station fietst en denk shit, hoe erg is het en overmorgen gaan we op vakantie ... Ik pak m’n fiets en rij naar het ziekenhuis, de ambulance is er net iets eerder dan ik.

De rem van Man’s fiets blokkeerde plots en hij vloog over z’n stuur heen, op zijn gezicht. Door al het bloed ziet het er verschrikkelijk uit. De arts stelt de diagnose: gebroken neus, waarschijnlijk lichte hersenschudding en veel schaafwonden in gezicht en binnenkant handen. Boven op zijn neus, waar zijn bril zat is een wond die gehecht moet worden. Ook is een tetanusinjectie nodig. Omdat het uiteindelijk toch wel meevalt begint Man alweer grapjes te maken: Ik heb ook wel een flinke neus. De zeer jonge arts zegt nou de mijne mag er ook wezen, ik heb hem zelf ook eens gebroken. En de mannen neuzelen nog wat door, terwijl ik ook een beetje van de schrik bekom.

En wat zegt dat ondeugende doktertje dan …..

'An der Nase eines Mannes erkennt man sein Johannes'

Man zegt: Let op hoor, mijn vrouw is van Duitse komaf…
O, zegt de arts, dan kent u de uitdrukking …?

Nee, ik ken hem niet, maar ik versta het wel!

woensdag 19 januari 2011

Jeugd


Wij woonden in de jaren 60 aan de rand van Vlaardingen vlakbij een weggetje met boerderijen. Bij de eerste boerderij kon je mij vaak vinden. Ik vond het leuk om te kijken als de koeien gemolken werden en ik was dol op de boerin en haar drie zoons. Voor de boer was ik een beetje bang. Helemaal geweldig vond ik het als ik opgedroogde koeiepoep uit de koeiestaarten mocht borstelen.



Ik was een dromerig kind en vond het heerlijk om op een lome zomerdag in mijn eentje in het weiland te gaan zitten, leunend tegen een liggende koe en dan te gaan zingen.
Als mijn Nederlandse repertoire op was ging ik verder met de Duitse liedjes die mijn moeder soms voor me zong, zoals:

Hänschen klein, ging allein
In die weite Welt hinein .....

en

Aber Heidschi Bumbeidschi bumbum .....

En geloof het of niet, er kwamen meer en meer koeien naar me toe gesjokt en ze gingen allemaal om me heen liggen. Ik was er van overtuigd dat ik ze met mijn liedjes een plezier deed. Er bestaat geen foto van, maar ik zie het als een plaatje nog haarscherp voor me.

Soms denk ik wel eens: had ik niet beter een boer kunnen trouwen i.p.v. een architect?

Maar ja, Boer zoekt vrouw bestond nog niet.

zondag 16 januari 2011

Nikos Papazoglou

Tijdens onze reizen naar Griekenland waren we telkens op zoek naar muziek van twee fantastische zangers: Nikos Papazoglou en Orfeas Peridis. Hoewel er een wereld van verschil ligt tussen Griekenland en Groningen doet Harry Niehof me soms wel aan hen denken en omgedraaid ook.

In september 2009 waren wij in de streek Epiros, in het noordoosten van het vasteland, onder Albanië. Een nog niet door grote aantallen toeristen ontdekt deel van Griekenland.
Na veel vragen kwamen wij erachter dat er in de plaats Arta een goede muziekwinkel zou zijn.

Dat was bijna 150 km bij ons appartement vandaan, dus gingen we vroeg op pad. Alleen de autorit is het al waard om naar Arta te rijden, door zo'n fantastisch landschap. Arta is een stad, gebouwd op zeven heuvels aan de oevers van de rivier Arachtos en bekend om haar bijzondere brug. Een mooie Griekse stad en niet toeristisch. We slenteren op ons gemak door de omgeving en gaan heerlijk lunchen.

We lopen richting centrum, trap af en zijn blij verrast door het mooie winkelcentrum van Arta. We krijgen haast, het is bijna twee uur en dan sluiten de winkels, in sneltempo lopen we door de winkelstraat, vragen een paar keer naar de CD-shop en vinden hem achter de kerk, twee minuten voor sluitingstijd.


We vragen naar de zangers Nikos Papazoglou en Orfeas Peridis. De eigenaar begint wat tussen de CD’s te rommelen, niet overtuigend. Hij zegt 'very old' en vervolgt dat hij de muziek van deze zangers wel op de ‘piecie’ heeft. In de winkel staat een Duits stel waarvoor hij ook een CD aan het downloaden is. Heel apart, stel je voor dat ze dat thuis zouden doen! Hij rekent een tientje voor de Duitsers. Voor ons zegt hij dat er veel CD’s zijn van onze zangers, dus wordt het wat duurder. Hij vraagt of hij ze op een MP-3 disk zal zetten. We zeggen doe maar, we willen die muziek nou eenmaal graag hebben.

Na een tijdje achter de computer zegt hij dat hij 168 (!) songs op de CD gezet heeft. Hij vraagt er 20 euro voor. Later blijkt dat er zeker vijftien CD’s van de twee zangers op dat schijfje staan, ik wist niet eens dat er zoveel op past. Ik ben dolgelukkig. Dat schijfje is goud waard en ik zal het dus nooit uitlenen!
De CD doet het in de huurauto en de rest van de vakantie luisteren we tijdens onze ritten naar al die prachtige Griekse songs.

Hier een nummer van Nikos Papazoglou, Avgoustos:



Als je geïnteresseerd bent dan vind je op www.skopos.be/GrMuziek/ een uitgebreid verhaal over deze geweldige zanger.


Op 17 april 2011 bezweek Nikos Papazoglou aan kanker, nog maar net 63 jaar.

zaterdag 15 januari 2011

Vader

Duitsland, Cuxhaven 1956
Op deze foto zie je mijn moeder (21) met ... eh ... mijn verwekker. Wat straalt ze van verliefdheid! Ze waren naar een carnavalsfeestje. Zij was al getrouwd en had een zoontje van een jaar. Dat huwelijk liep op de klippen. Deze man, F. (33 jaar), was ook getrouwd en had kinderen. Het is een wonder dat ik nog foto’s heb waar hij op staat. Want mijn oma heeft alle foto’s waar deze man op stond verscheurd. Zodoende zijn er ook geen babyfoto’s van mij.
Het schijnt dat hij mijn moeder regelmatig beloofd heeft te scheiden, maar dat gebeurde niet, een bekend verhaal.

Mijn moeder woonde inmiddels na haar scheiding met haar eerste kind weer bij haar moeder. Zij raakte in verwachting van mij. Na mijn geboorte begon de strijd om geld, hij weigerde eerst mij als zijn kind te erkennen, maar uiteindelijk heeft hij dat wel gedaan, hoewel hij nooit aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan. Na mijn eerste verjaardag was mijn moeder alweer in verwachting van mijn zusje. F. heeft haar nooit erkend. Het werd hem te heet onder de voeten en hij ging terug naar zijn vrouw. Mijn zusje en ik hebben nooit meer iets van hem gehoord.

Mijn moeder had het zwaar, met drie kleine kinderen inwonen bij een zeer dominante moeder. Zij besloot een contactadvertentie te zetten in een of ander Duits krantje en dat krantje kwam toevallig bij een man in Nederland terecht.
Deze man, H. een alleenstaande man, met een zoon van 12 jaar, en mijn moeder gingen corresponderen en uiteindelijk trouwden ze. Hij was 16 jaar ouder dan zij. Zo kwam ik in 1962 met mijn zusje in Nederland terecht. Mijn broer bleef bij mijn oma in Duitsland.

Ik weet nog hoe blij ik was dat ik een vader kreeg. Hij werd voor mij ook echt mijn vader. Het leven leek rooskleuriger, van een zeer streng Duits huishouden naar een makkelijkere losse levenstijl in Nederland. Voor mijn moeder was het helemaal niet makkelijk, de zoon van mijn vader, mijn stiefbroer, zag zijn heerlijke leventje instorten door de komst van dat Duitse mens met twee dochters en maakte haar het leven zuur. Ook de familie van mijn vader moest weinig hebben van die ‘moffin’.

Er kwamen nog twee kinderen, een jongen en een meisje. We waren een rommelig gezin met stief- halve- en echte broers/zusjes. Hoewel mijn ouders van elkaar hielden was het geen gemakkelijk huwelijk, vooral door veel drankgebruik waren er altijd wel toestanden. Er was altijd geldgebrek. Ook vochten ze soms met elkaar. Ik heb als klein meisje dingen gezien die een kind niet hoort te zien. Uiteindelijk kon mijn echte zusje het niet meer aan, ging terug naar Duitsland om verder opgevoed te worden door mijn oma. Ik heb dus een Duitse broer en zus en een Nederlandse broer en zus. Mijn stiefbroer heeft later het contact verbroken. Maar dat zal vele jaren later weer hersteld worden.

Ik hield me wel staande, ook omdat ik dol op mijn vader was. Hij was een CPN-er, een Rooie Rakker werd hij genoemd. Hij hield van hout en timmeren was zijn lust en leven. Toen wij verhuisden naar een nieuwbouwflat, heeft hij alle kamers van boven tot onder voorzien van houten schroten, lijsten en schulpranden, dat ging door tot er geen muur of plafond nog leeg was. Het leek alsof we in een blokhut woonden.

Pa *03-02-1919 - ✝ 09-12-1986

Mijn vader was gek op de natuur, hij hield van de polder, wist veel over vogels. Hij ging eerst met mijn stiefbroer, later met mijn jongste broer vaak de polder in. Ik wilde dat ook graag, maar dat vond hij niks voor een ‘meidje’. Toch mocht ik een keertje mee, wat was ik gelukkig, met mijn vader struinen door het gras. De liefde voor de polder en het open landschap heb ik van hem.
Jammer dat hij zo jong overleed, op 67 jarige leeftijd.

Kortom mijn jeugd was er een van Himmelhoch jauchzend, zu Tode betrübt, ik was 16 toen ik het ouderlijk huis verliet.